Huisvesting van vergunninghouders
Op het moment dat een asielzoeker een verblijfsvergunning krijgt, worden zij vergunninghouder, ook wel: statushouder. Het COA koppelt de statushouder aan gemeenten. De gemeente moet zorgen voor passende woonruimte voor statushouders. De beoogde doorlooptijd van deze procedure is 14 weken.
De opgave om statushouders te huisvesten is niet los te zien van de algehele krapte op de woningmarkt. Desalniettemin is het van belang dat statushouders tijdig huisvesting kunnen vinden om integratie en participatie in de Nederlandse samenleving te bevorderen.
De rijksoverheid bepaalt elk half jaar hoeveel statushouders er per gemeente wettelijk moeten worden gehuisvest. Dit aantal wordt gepubliceerd in de taakstelling huisvesting statushouders. De verdeling hangt af van het aantal inwoners in een gemeente en het verwachte aantal te huisvesten statushouders.
Gemeenten beslissen zelf welke soort huisvesting ze aanbieden. Dit kan bijvoorbeeld een zelfstandige (huur)woning zijn, een flexwoning, doorstroomlocatie of een onzelfstandige, dus gedeelde woning. Gemeenten werken veelal samen met woningcorporaties om een sociale huurwoning aan te kunnen bieden. Een statushouder kan ook zelf naar woonruimte zoeken. Gezien het huidige woningtekort verblijven veel statushouders langer in een COA-locatie. Een oplossing is om snel (tijdelijke) zelfstandige of onzelfstandige huisvesting te realiseren.
Als een asielzoeker een verblijfsvergunning krijgt kan een statushouder binnen 3 maanden nareis van gezinsleden aanvragen. Dit compliceert de huisvestingsprocedure, omdat hierdoor niet direct duidelijk is hoe groot het door de gemeente te huisvesten gezin zal zijn en wanneer dit gezin arriveert in Nederland. De beoordelingsduur van een nareisaanvraag varieert, maar kan meer dan een jaar duren.
De afspraak is dat refererende statushouders ook door de gemeente gehuisvest worden voordat de nareisprocedure is afgerond. Dit kan met behulp van alle eerder benoemde soorten woonruimte. Hieruit kan een statushouder dan, na afronding van de nareisprocedure, samen met het gezin verhuizen naar een permanente woning die bij de omvang van het gezin past.
De praktijk leert dat veel referenten, en daarmee ook de arriverende nareizigers, langer in een COA- locatie moeten verblijven in afwachting van het afronden van de nareisprocedure. Ongeveer tweederde van de statushouders die in de COA-opvang woont is referent of nareiziger. Dit zet druk op de opvangcapaciteit van het COA.
Het kabinet heeft zich voorgenomen om de manier waarop statushouders gehuisvest worden te wijzigen, waarbij in het gewijzigde systeem een groter beroep wordt gedaan op de zelfredzaamheid van statushouders. De voorgestelde wijzigingen worden nader beschreven in hoofdstuk 1 van Staat van Migratie 2026.